Volgens de Wet op de Geïntegreerde Politie van 7 december 1998 is elke politiedienst gehouden een zonaal veiligheidsplan op te stellen. Dit beleidsdocument vormt een weergave van hetgeen de korpsleiding als prioritair beschouwt gedurende een periode van vier jaar. Indien de situatie in de loop van deze jaren wijzigt, is het echter wel mogelijk om veranderingen in de opgestelde actieplannen door te voeren. Het beleidsplan moet de politiedienst, naast hun reguliere werking, in staat stellen, doelstellingen op lange termijn te realiseren.

Aan het opstellen van het zonaal veiligheidsplan gaat echter een voorbereiding vooraf. Deze voorbereiding heeft als doel na te gaan welke fenomenen prioritair dienen te worden aangepakt. Hierbij worden zowel objectieve als subjectieve bronnen geraadpleegd. Een combinatie van deze twee bronnen geeft een beeld over de belangrijkste veiligheidsfenomenen in de politiezone.

Er dient echter wel een onderscheid gemaakt te worden tussen de prioriteiten en de bijzondere aandachtspunten, namelijk:

  • Een prioriteit is een verbeterpunt dat op een projectmatige wijze zal worden aangepakt en waarbij een actieplan zal worden opgesteld. Het gaat hier echter om een hardnekkig en complex probleem.
  • Een bijzonder aandachtspunt is een probleem dat een minder complexe aanpak vereist. Deze fenomenen vereisen echter geen projectmatige aanpak en worden via de reguliere werking aangepakt.

Na het opstellen dient het zonaal veiligheidsplan goedgekeurd te worden door de zonale veiligheidsraad en de lokale overheden.

In het zonaal veiligheidsplan worden de doelstellingen als volgt ingeschreven: de strategische doelstellingen worden vierjaarlijks vastgelegd in het zonaal veiligheidsplan, de tactische doelstellingen worden tweejaarlijks bepaald en de operationele doelstellingen worden jaarlijks uiteengezet in de actieplannen.

 

Download het zonaal veiligheidsplan ...